Het verdelingsrecht: de zogenaamde ‘miserietaks’ toegelicht

Na veel discussie werden in het Vlaams parlement de nieuwe regels inzake het ‘verdelingsrecht’ goedgekeurd. Het tarief van deze belasting gaat omhoog van 1% naar 2,5%. Gelukkig worden er wel enkele sociale correcties aangebracht. In de komende paragrafen bekijken we de nieuwe Vlaamse regels van naderbij.

Wat is het 'verdelingsrecht'

Het verdelingsrecht is een registratierecht dat van toepassing is bij de gehele of gedeeltelijke verdeling van een onroerend goed en bij het tegen bezwarende titel uit onverdeeldheid treden.

De klassieke voorbeelden zijn:

erfgenamen die samen een onroerend goed erven, waarna één van  hen de anderen uitkoopt om het goed volledig te verwerven. Ze zijn dan niet langer in 'onverdeeldheid';

een koppel dat uit de echt scheidt, waarbij één van de ex-partners de voormalige gezinswoning verwerft door het deel van de ander af te kopen. Het is omwille van dit toepassingsgeval dat het (verhoogde) verdelingsrecht in de media ook wel eens aangeduid wordt als scheidingstaks of miserietaks.

Voorbeeld

U erft samen met uw twee broers een huis ter waarde van 150.000 euro van een oude tante. U spreekt af dat u hen zal uitkopen. In dat geval wordt u de enige eigenaar van de woning. U betaalt dan 1% registratierechten op 150.000 euro, wat neerkomt op 1.500 euro.

De nieuwe regels zijn enkel van toepassing in Vlaanderen

Let op! Deze nieuwe regels zijn enkel van toepassing op onroerende goederen die gelegen zijn in het Vlaams Gewest.

Verhoogd tarief

Het tarief wordt opgetrokken tot 2,5%. In het voorbeeld hierboven zou u dan 3.750 euro registratierechten moeten betalen, of een stijging van 2.250 euro. Omdat de verhoging met 1,5% vrij hoog is, heeft de decreetgever wel voorzien in enkele 'sociale correcties', die neerkomen op bijzondere verlagingen van de belastbare grondslag: (1) voor wie uit elkaar gaat en (2) als er kinderen zijn.

Sociale correctie voor wie uit elkaar gaat

Een abattement van 50.000 euro : dit wil zeggen een vermindering van de belastbare grondslag.

Voorwaarde

De verdeling gebeurt naar aanleiding van het uiteengaan van een gehuwd koppel, of een koppel dat minstens één jaar ononderbroken wettelijk samenwoont. Een koppel dat louter feitelijk samenwoont en uit elkaar gaat, kan geen gebruik maken van deze korting.

Voorbeeld

Een koppel gaat uit elkaar, de man koopt de voormalige gezinswoning ter waarde van 250.000 euro. Hij betaalt verdelingsrecht op 200.000 euro, wat neerkomt op 5.000 euro. [In het oude regime zou de man 1% van 250.000 = 2.500 euro verdelingsrecht verschuldigd zijn.]

Sociale correctie als er kinderen zijn

Als de (ex)-echtgenoten of ex-wettelijke samenwoners op het tijdstip van de verdeling kinderen hebben die recht geven op kinderbijslag, heeft men recht op een bijkomend abattement (vermindering van de grondslag) van 20.000 euro per kind.

Voorwaarde

Het is een bijkomend abattement, dus enkel wie recht heeft op het eerste abattement kan er recht op hebben. De kinderen moeten recht geven op kinderbijslag, maar moeten niet gemeenschappelijk zijn.

Voorbeeld

Een koppel gaat uit elkaar, ze hebben twee kinderen (één gemeenschappelijk + één uit het vorige huwelijk van de man). De vrouw koopt het huis ter waarde van 250.000 euro. Zij zal registratierechten (hier verdelingsrecht) moeten betalen op 160.000 euro (250.000 - 50.000 (eerste abattement) - 40.000 (abattement voor twee kinderen). In totaal betaalt ze dus 2,5% van 160.000 = 4.000 euro.  [In het oude regime zou de vrouw 1% van 250.000 = 2.500 euro verdelingsrecht verschuldigd zijn.]

Tenslotte

Recht op mindering, maar u wist het niet? Middels een verzoekschrift kan u de teveel betaalde registratierechten terugvorderen. Dit verzoekschrift moet neergelegd worden binnen de zes maanden na de registratie van de akte die tot het verdelingsrecht aanleiding heeft gegeven.

Nieuws

Wie zijn (uit de hand gelopen) hobby in een zelfstandige activiteit omzet om de verliezen ervan te kunnen aftrekken van andere inkomsten, moet uitkijken. Via datamining haalt de fiscus ondernemingen die permanent verlies lijden eruit en wordt, na controle, het verlies van de activiteit op nul gezet. Nu zet de fiscus de aanval ook in op de btw-aftrek.

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

De heer X koopt een woning van vennootschap A. Zijn vader was aandeelhouder van A. Volgens de fiscus is de woning verkocht voor een prijs onder de werkelijke waarde. Daarom wil de fiscus het voordeel in hoofde van X belasten als een divers inkomen. De rechtbank van Brussel fluit de fiscus terug.