Naar één verminderingsbedrag voor oudere werknemers in Brussel

Sinds de zesde staatshervorming werken de gewesten een eigen doelgroepenbeleid uit. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest rolt zijn specifieke voorziening voor oudere werknemers uit in 3 fasen. Op 1 juli 2018 treedt fase 3 in werking. Het voordeel wordt beperkt tot werknemers van 57 tot 64 jaar en bestaat dan uit één 1 forfaitair bedrag per kwartaal.

Patronale sociale vermindering

Een doelgroepvermindering is een vermindering van de werkgeversbijdrage voor de sociale zekerheid bij de tewerkstelling van een werknemer die tot een bepaalde doelgroep behoort. Sinds de zesde staatshervorming stellen de gewesten de doelgroepen vast die voor een vermindering in aanmerking komen. De vestigingseenheid van de werkgever bepaalt welk gewest bevoegd is.

Fase 1

De Brusselse doelgroepkorting voor oudere werknemers (werknemers van 55 tot 64 jaar) vervangt de federale doelgroepvermindering ouderen. Ze geldt sinds 1 oktober 2016 voor oudere werknemers uit categorie 1 (de privé-sector) die werken in of afhangen van een vestigingseenheid in Brussel. De plaats van tewerkstelling is dus bepalend; de woonplaats van de werknemer speelt geen rol.

Fase 2

Het maximum refertekwartaalloon (basisbedrag) is op 1 oktober 2017 verlaagd van 12.000 euro naar 10.500 euro. Dus enkel oudere werknemers met een referteloon van het lopende kwartaal dat niet hoger is dan 10.500 euro komen in aanmerking voor deze doelgroepvermindering.

Die loongrens wordt verhoogd met 2% telkens de loongrenzen van de werkbonus worden aangepast. Die aanpassing gaat dan in vanaf het kwartaal dat volgt op het kwartaal waarin de loongrenzen verhogen of, als de verhoging samenvalt met het begin van een kwartaal, met ingang van dat kwartaal.

De maximale verminderingsbedragen zijn vaste kwartaalbedragen die afhangen van de leeftijd van de werknemer op de laatste dag van het betrokken kwartaal:

400 euro voor oudere werknemers van minstens 55 jaar en jonger dan 58 jaar

1.000 euro voor oudere werknemers van minstens 58 jaar en jonger dan 62 jaar

1.500 euro voor oudere werknemers van minstens 62 jaar en jonger dan 65 jaar

De vermindering wordt geprorateerd voor deeltijders en voltijders met onvolledige kwartaalprestaties.

Fase 3

Vanaf 1 juli 2018 blijft er maar één forfaitaire vermindering van de RSZ-bijdragen over: 1.000 euro per kwartaal voor werknemers van 57 tot 64 jaar.

Dit betekent dus dat deze specifieke doelgroepvermindering in het Brussels gewest vanaf de zomer alleen nog wordt toegekend:

voor een forfaitair bedrag van 1.000 euro bij volledige kwartaalprestaties

voor werknemers die op de laatste dag van het kwartaal tenminste de leeftijd van 57 jaar en ten hoogste de leeftijd van 64 jaar bereikt hebben

voor een refertekwartaalloon dat niet hoger is dan 10.500 euro

M.a.w. op 1 juli 2018 verhoogt de minimumleeftijd en rest er maar één verminderingsbedrag voor alle oudere werknemers voor de toepassing van de doelgroepvermindering oudere werknemers in Brussel.

Nieuws

Weldra is het zover: de jaarlijkse nationale invuloefening. Hoewel veel posten al vooraf ingevuld zijn, blijft het toch een moeilijke opdracht. Fiscale regelingen worden afgeschaft, maar blijven doorlopen voor het verleden; er komen nieuwigheden bij en dat alles maakt de aangifte elk jaar ingewikkelder. Waar moet u dit jaar op letten?

Salariswagens kennen een bijzonder belastingstelsel op het vlak van btw. Een bijzonder ingewikkeld stelsel bovendien. Toen Covid-19 onze manier van werken overhoop haalde, kende de fiscus toleranties toe. Die worden in 2022 teruggedraaid, maar om dat mogelijk te maken, is een nieuwe tolerantie nodig.

Wie samen met een andere persoon eigenaar is van een onroerend goed kan een einde maken aan die mede-eigendom door uit onverdeeldheid te treden. Het verdeeldrecht bedraagt, afhankelijk van de ligging van het onroerend goed, 2,5% in Vlaanderen of 1% in de beide andere gewesten. Bent u echter mede-eigenaar, samen met uw eigen vennootschap, dan betaalt u een verkooprecht van 12% of 12,5%. Waarom is dat?