Invloed van het nieuw Vlaams doelgroepenbeleid op de patronale RSZ

De Vlaamse overheid is op 1 juli 2016 met een eigen doelgroepenbeleid gestart. Ze verleent financiële steun voor de aanwerving en tewerkstelling van werknemers ouder dan 55, laag- en middengeschoolde jongeren onder de 25 en personen met een arbeidshandicap. Dit nieuwe beleid heeft gevolgen voor de patronale RSZ die u moet betalen voor het aanwerven of tewerkstellen van deze groepen werknemers. In Brussel en Wallonië blijven voorlopig de federale maatregelen van kracht.

Het doelgroepenbeleid van de overheid helpt bepaalde groepen die het moeilijk hebben op de arbeidsmarkt aan een baan via o.a. kortingen op de bijdragen aan de sociale zekerheid die de werkgever betaalt. Sinds de zesde staatshervorming in 2014 is het doelgroepenbeleid in hoofdzaak niet langer een federale maar wel een regionale bevoegdheid. Sinds 1 juli 2014 zijn de gewesten bevoegd voor de invulling van de RSZ-kortingen voor bepaalde doelgroepen van werknemers. De Vlaamse regering heeft alvast de maatregelen waarvoor werkgevers een extra lastenverlaging kunnen genieten, beperkt tot 3 doelgroepen: de jongeren, de 55-plussers en de personen met een arbeidshandicap. De voorwaarden, duur en bedragen van de Vlaamse steunmaatregelen verschillen van de federale subsidies.

Korting doelgroepvermindering voor jonge werknemers

De RSZ-korting voor laaggeschoolde (geen getuigschrift hoger middelbaar) en middengeschoolde (maximaal een getuigschrift hoger middelbaar) jongeren onder de 25 jaar met een loongrens van 2.500 euro per maand in het eerste jaar en 2.700 euro per maand in het tweede jaar bedraagt per kwartaal:

1.150 euro (jaar 1) en 1.150 euro (jaar 2) voor laaggeschoolden en

1.000 euro (jaar 1) en 1.000 euro (jaar 2) voor middengeschoolden.

U krijgt deze doelgroepvermindering alleen als de jongere op de laatste dag van het kwartaal over een elektronisch dossier beschikt waarin de Vlaamse arbeidsbemiddelaar VDAB de scholingsgegevens van de jonge werknemer beheert.

Korting doelgroepvermindering voor oudere werknemers

De korting voor 55-plussers geldt zowel voor de aanwerving van oudere niet-werkende werkzoekenden als bij retentie om de bestaande tewerkstelling van oudere werknemers in stand te houden. De korting per kwartaal (basisbedrag vermindering) bedraagt (loongrens van 4.466,66 euro per maand):

bij retentie: 600 euro (voor 55-59 jarigen) en 1.150 euro (vanaf 60 jaar); en

bij aanwerving gedurende 2 jaar (8 kwartalen): 1.150 euro (voor 55-59 jarigen) en 1.500 (vanaf 60 jaar).

Premie voor personen met een arbeidshandicap

Voor personen met een arbeidshandicap blijft de bestaande Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP) van toepassing. Maar ook mensen uit de sociale economie kunnen voortaan op de VOP rekenen gedurende de eerste 5 jaar. Dit geldt ook voor zelfstandigen in bijberoep.

Quid toekomst van bestaande aanwervingsmaatregelen?

De invoering van de nieuwe (Vlaamse) doelgroepverminderingen gaat gepaard met een aanzienlijke vereenvoudiging.

Voor aanwervingen sinds 1 juli 2016 betekent dit concreet dat naast de federale doelgroepvermindering voor jongeren en voor oudere werknemers ook volgende maatregelen worden stopgezet:

Activa Start (activering werkloosheidsuitkering voor min-26 jarigen);

Activering langdurig werkzoekenden met verminderde arbeidsgeschiktheid;

Vlaamse tewerkstellingspremie voor 50-plussers.

Vanaf 1 januari 2017 verdwijnen ook:

de doelgroepvermindering voor langdurig werkzoekenden, type gewone Activa (federale maatregel);

de doelgroepvermindering voor herstructureringen (federale maatregel); en

de Activering van de uitkeringen, uitgezonderd Activa Start en Activa verminderde arbeidsgeschiktheid (zie hierboven); en Activering in de sociale economie (loopt verder).

Overgangsregelingen zijn voorzien. De toegekende voordelen die lopen op de datum van afschaffing, lopen wel verder tot uiterlijk 31 december 2018. De Vlaamse vermindering voor oudere werknemers is onmiddellijk toepasbaar op alle actieve ouderen, ongeacht de aanwervingsdatum.

Het Brusselse en het Waalse Gewest ten slotte werken aan een eigen regeling, vermoedelijk respectievelijk tegen oktober 2016 en januari 2017. Tot dan wijzigt er niets aan de huidige (federale) regeling.

Nieuws

De "Bijkluswet" maakt onbelast bijverdienen mogelijk. Dat kan voor werknemers die minstens 4/5 werken, voor zelfstandigen in hoofdberoep en voor gepensioneerden. Zolang de inkomsten binnen een vastgelegde limiet blijven, zijn er geen bijdragen of belastingen verschuldigd. Sinds 15 juli 2018 moeten de klussen worden aangegeven via de onlinedienst Bijklussen. De werking in een notendop.

Sinds 1 november 2018 maken we geen onderscheid meer tussen handelsvennootschappen en burgerlijke vennootschappen. Voortaan spreken we enkel over vennootschappen. Beoefenaars van vrije beroepen die een vennootschap oprichtten, kozen traditioneel voor een burgerlijke vennootschap. Dit burgerlijk karakter van de vennootschap staat vermeld in haar statuten. Moeten de burgerlijke vennootschappen hun statuten nu aanpassen?

Aan de vooravond van het nieuwe jaar, staan we even stil bij de verdere uitwerking van de taxshift en de hervorming van de vennootschapsbelasting.