Nieuwe leeftijds- en loopbaanvoorwaarden bij werkloosheid met bedrijfstoeslag

De leeftijds- en loopbaanvoorwaarden in het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT of het vroegere brugpensioen) worden al een tijdje aangepast. Vanaf 1 januari 2015 wordt de leeftijd waarop u een werkloze met bedrijfstoeslag niet meer moet vervangen, opgetrokken van 60 naar 62 jaar. SWT vanaf 58 jaar wordt afgeschaft.

Van brugpensioen naar SWT

Sinds 1 januari 2012 spreken we over het “Stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag” (SWT) en niet meer over brugpensioen. SWT betekent dat u een oudere werknemer ontslaat en dat uw ex-werknemer tot het bereiken van zijn pensioenleeftijd recht heeft op een werkloosheidsuitkering met een aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever krachtens een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO).
Het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag wordt ingeschakeld als de werknemer voldoet aan algemene voorwaarden en aan specifieke leeftijds- en anciënniteits(loopbaan)voorwaarden. De leeftijd vanaf wanneer SWT mogelijk is, hangt af van de CAO die in uw bedrijf of sector van toepassing is.
Behalve in een aantal specifieke situaties bent u verplicht om een werknemer die u ontslaat in het kader van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag, te vervangen door een uitkeringsgerechtigde volledige werkloze of gelijkgestelde.
Op die vervangingsplicht bestaan enkele uitzonderingen.

Minimumleeftijd wordt 60 jaar

Er is geen vervangingsplicht bij SWT voor werknemers die de leeftijd van 60 jaar hebben bereikt op het einde van de arbeidsovereenkomst. Vanaf 1 januari 2015 wordt die leeftijdsdrempel 62 jaar. De hogere leeftijdsgrens van 62 jaar wordt toegepast op de arbeidsovereenkomsten die effectief eindigen na 31 december 2014.
In het kader van NAR-CAO nr. 17 (van toepassing in alle bedrijven van de privé-sector ongeacht de sector) en bij een sectorale of een ondernemings-CAO die voor het eerst werd afgesloten na 31 december 2011, blijft de leeftijdsgrens voor SWT 60 jaar.

De vervangingsplicht geldt ook niet als uw bedrijf wordt erkend als een onderneming in moeilijkheden of in herstructurering.

Naast voormelde uitzonderingen bestaan er ook twee algemene vrijstellingsgronden: bij schaarste op de arbeidsmarkt (d.w.z. er is geen enkele vervanger voorhanden van hetzelfde niveau => vrijstelling aanvragen aan de RVA-directeur) en bij een structurele vermindering van uw personeelsbestand (d.w.z. u kan aantonen dat u door de vrijstelling het ontslag van werknemers buiten SWT, kan vermijden => vrijstelling aanvragen aan de minister van Werk).

Beroepsloopbaan van 40 jaar

CAO nr. 17 regelt in het algemeen SWT op 60 jaar. Voor mannen wordt vanaf 2015 de loopbaanvereiste opgetrokken tot 40 jaar. Voor vrouwen gebeurt die optrekking naar 40 jaar geleidelijk. Zij moeten pas in 2024 een loopbaan van 40 jaar aantonen.

Uitzonderingen in 2015

Voor sommige 58- of 59-jarigen zal het SWT ook in 2015 nog mogelijk zijn. Wanneer een werknemer op een bepaald ogenblik aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden voldoet, kan hij zijn recht op SWT laten 'vastklikken'. Het vastklikken van voorwaarden betekent dat de werknemer op een gegeven ogenblik de leeftijds- en de loopbaanvoorwaarde van het SWT-stelsel vervult maar niet meer op het moment dat zijn arbeidsovereenkomst een einde neemt. Men houdt dan toch rekening met de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden die in het verleden zijn vastgeklikt.
Voor zware beroepen (wisselende ploegen, onderbroken diensten, nachtarbeid) zal SWT in de toekomst mogelijk blijven vanaf 58 jaar na 35 loopbaanjaren.
Dit geldt ook voor werknemers met ernstige lichamelijke problemen en voor mindervalide werknemers.

Sancties

De naleving van de vervangingsplicht bij SWT wordt systematisch gecontroleerd door de RVA. De RVA kan een administratieve geldboete opleggen tussen 150 en 1.500 EUR of een strafrechtelijke geldboete van 300 tot 3.000 EUR (boetes van niveau 2). Die boete wordt vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.
De directeur van de RVA kan bovenop die geldboete ook een forfaitaire compensatoire vergoeding opleggen per werknemer per dag.

Nieuws

De "Bijkluswet" maakt onbelast bijverdienen mogelijk. Dat kan voor werknemers die minstens 4/5 werken, voor zelfstandigen in hoofdberoep en voor gepensioneerden. Zolang de inkomsten binnen een vastgelegde limiet blijven, zijn er geen bijdragen of belastingen verschuldigd. Sinds 15 juli 2018 moeten de klussen worden aangegeven via de onlinedienst Bijklussen. De werking in een notendop.

Sinds 1 november 2018 maken we geen onderscheid meer tussen handelsvennootschappen en burgerlijke vennootschappen. Voortaan spreken we enkel over vennootschappen. Beoefenaars van vrije beroepen die een vennootschap oprichtten, kozen traditioneel voor een burgerlijke vennootschap. Dit burgerlijk karakter van de vennootschap staat vermeld in haar statuten. Moeten de burgerlijke vennootschappen hun statuten nu aanpassen?

Aan de vooravond van het nieuwe jaar, staan we even stil bij de verdere uitwerking van de taxshift en de hervorming van de vennootschapsbelasting.