Een collectief akkoord met de fiscus over uw beroepskosten

Het exacte bedrag van sommige beroepskosten (bv. kleine kantoorkosten, autokosten, representatiekosten) is moeilijk te bewijzen. Om daaraan tegemoet te komen, werden de individuele en collectieve akkoorden in het leven geroepen. De regels voor het sluiten van een individueel akkoord hebben we in een eerdere bijdrage al toegelicht. Vandaag gaan we dieper in op het collectief akkoord.

Een akkoord tussen een beroepsorganisatie en de fiscus

Bij een collectief akkoord, moet u als belastingplichtige niet zelf een akkoord sluiten met de fiscus. Dit akkoord komt tot stand na overleg tussen een beroepsorganisatie en de fiscus. Net als bij het individueel akkoord gaat het over kosten waarvan het exacte bedrag moeilijk kan worden bewezen.

Collectieve akkoorden kunnen worden afgesloten op gewestelijk of nationaal vlak.

Welke kosten?

De collectieve akkoorden die reeds werden afgesloten hadden betrekking op:

representatiekosten;

bepaalde kosten van gemengd (privé/professioneel) gebruikte wagens: brandstof, olie, onderhoud;

kleine kantoorkosten;

kosten van onderhoud van lokalen waar het beroep wordt uitgeoefend (bv. kuisproducten);

toevallige reiskosten (gemeenschappelijk vervoer, taxi's, enz.).

Afgesloten akkoorden

Met de volgende beroepsgroepen werden al nationale akkoorden gesloten:

advocaten (voor sommige kosten): het forfait geldt niet voor advocatenvennootschappen of voor advocaten die hun beroep uitoefenen in het kader van een professionele vennootschap;

gerechtsdeurwaarders: het forfait geldt niet voor vennootschappen of voor gerechtsdeurwaarders die hun beroep uitoefenen in het kader van een professionele vennootschap;

exploitanten van automatische ontspanningstoestellen;

zelfstandige opvangmoeders: een forfaitair bedrag per kind per opvangdag (vanaf aj. 2013 bedraagt dit forfaitair bedrag 16,50 EUR). Een combinatie van het forfait met de aftrek van kosten die u wel kan bewijzen is niet mogelijk.

Akkoord afgesloten, moet ik het volgen?

Ook als er door uw beroepsorganisatie een collectief akkoord werd afgesloten, bent u nog steeds vrij om zelf uw beroepskosten te bewijzen.

Nieuws

De "Bijkluswet" maakt onbelast bijverdienen mogelijk. Dat kan voor werknemers die minstens 4/5 werken, voor zelfstandigen in hoofdberoep en voor gepensioneerden. Zolang de inkomsten binnen een vastgelegde limiet blijven, zijn er geen bijdragen of belastingen verschuldigd. Sinds 15 juli 2018 moeten de klussen worden aangegeven via de onlinedienst Bijklussen. De werking in een notendop.

Sinds 1 november 2018 maken we geen onderscheid meer tussen handelsvennootschappen en burgerlijke vennootschappen. Voortaan spreken we enkel over vennootschappen. Beoefenaars van vrije beroepen die een vennootschap oprichtten, kozen traditioneel voor een burgerlijke vennootschap. Dit burgerlijk karakter van de vennootschap staat vermeld in haar statuten. Moeten de burgerlijke vennootschappen hun statuten nu aanpassen?

Aan de vooravond van het nieuwe jaar, staan we even stil bij de verdere uitwerking van de taxshift en de hervorming van de vennootschapsbelasting.