Geldigheidsduur maaltijdcheques van 3 maanden naar 1 jaar

Maaltijdcheques die voldoen aan een reeks voorwaarden worden niet als loon beschouwd en zijn volledig van belasting vrijgesteld. Zowel voor de werkgever als voor de begunstigde. Een van de voorwaarden betreft de geldigheidsduur van de maaltijdcheque. Die geldigheidsduur is opgetrokken van 3 maanden tot 1 jaar. De nieuwe geldigheidsduur geldt voor de papieren maaltijdcheques die vanaf september 2013 worden uitgegeven en voor de elektronische maaltijdcheques die vanaf 11 augustus 2013 op de maaltijdchequerekening van werknemers worden gecrediteerd.

Bijzondere fiscale en sociale regeling

Maaltijdcheques die worden uitgereikt aan werknemers of bedrijfsleiders zijn onderworpen aan een bijzondere regeling op fiscaal vlak en op het vlak van sociale zekerheid. Ze worden beschouwd als sociale voordelen die zijn vrijgesteld van belasting onder bepaalde voorwaarden:

ze worden niet toegekend ter vervanging van loon, premies, voordelen van alle aard of om het even welke andere uitkering;

de toekenning van de cheques is voorzien door een collectieve arbeidsovereenkomst in de sector of de onderneming of, bij ontstentenis van een vakbondsafvaardiging, door een schriftelijke individuele overeenkomst (indien de bedrijfsleider personeel heeft en die krijgen geen maaltijdcheques, dan heeft de bedrijfsleider ook geen recht op maaltijdcheques; het bedrag aan maaltijdcheques mag ook niet hoger zijn dat wat zijn werknemers krijgen);

het aantal toegekende maaltijdcheques moet overeenkomen met het aantal effectief gewerkte arbeidsdagen;

de maaltijdcheques moeten op naam worden uitgereikt;

de maaltijdcheques moeten vermelden dat hun geldigheidsduur is beperkt tot 1 jaar (in plaats van 3 maanden vanaf 11 augustus 2013) en dat ze enkel ter betaling van een maaltijd of voor de aankoop van verbruiksklare voeding mogen worden gebruikt;

de tussenkomst van de werkgever in het bedrag van de maaltijdcheques mag niet hoger zijn dan 5,91 euro per maaltijdcheque;

de tussenkomst van de werknemer of bedrijfsleider in de kostprijs van de maaltijdcheques moet minstens 1,09 euro per maaltijdcheque bedragen.

De maximale waarde van een maaltijdcheque bedraagt dus 7 euro.
Elektronische maaltijdcheques moeten nog aan andere voorwaarden voldoen om te worden vrijgesteld.

Waarom een langere geldigheidsduur?

Uit cijfers blijkt dat jaarlijks 286 miljoen maaltijdcheques worden verdeeld. Daarvan worden 0,3% tot 0,4% niet gebruikt omdat ze niet meer geldig zijn. Er gaat dus veel cheques verloren  en dit vertaalt zich in minder geld voor de ondernemingen, minder koopkracht voor de werknemers en minder inkomsten voor de voedings- en distributiesector. Door de geldigheidsduur van de maaltijdcheques te verlengen, krijgen ze meer tijd om de cheques te gebruiken. De verlenging van de geldigheidsduur tot 12 maanden wordt zowel op het vlak van de RSZ als op fiscaal vlak doorgevoerd. Om te kunnen genieten van de sociale en fiscale vrijstelling, moet geldigheidsduur als zodanig vermeld staan op de cheque. De vervaldatum op de maaltijdcheque is diegene die telt.

De verlenging van de geldigheidsduur is in werking getreden op 11 augustus 2013. De nieuwe geldigheidsduur geldt voor de papieren maaltijdcheques die vanaf september 2013 worden uitgegeven en voor de elektronische maaltijdcheques die vanaf 11 augustus 2013 op de maaltijdchequerekening van werknemers worden gecrediteerd. Een voordeel van het gebruik van elektronische maaltijdcheques is trouwens dat de betaalterminal automatisch eerst de oudste elektronische maaltijdcheques op de elektronische kaart aanspreekt. Bovendien krijgt men een verwittiging als de oudste maaltijdcheques op de kaart dreigen te vervallen.

Nieuws

In aanslagjaren 2019 en 2020 treden de volgende fases van de hervorming vennootschapsbelasting in werking. We brengen u de komende wijzigingen in herinnering en wijzen erop hoe u zich nu al kunt voorbereiden op de inwerkingtreding van de compenserende maatregelen. Zo verzacht u de impact ervan.

De antiwitwaswet van 18 september 2017 voerde het UBO-register van uiteindelijk begunstigden van vennootschappen en andere juridische entiteiten in. Pas in augustus ll. is het koninklijk besluit gepubliceerd waardoor dit nationaal register in werking kan treden. Dit besluit regelt ook de toegang tot en de werking van het UBO-register.

De antiwitwaswet van 18 september 2017 creŽert een wettelijk kader voor het UBO-register. Dit is een nationaal register van uiteindelijk begunstigden van vennootschappen en andere juridische entiteiten. Stilaan raken meer details bekend o.a. over de inhoud van de verzamelde informatie.