Hoever kan men nog gaan met vermogensplanning?

Vorig jaar werd de ondertussen beruchte nieuwe algemene antimisbruikbepaling ingevoerd. Ook in de registratie- en successierechten is deze bepaling van toepassing. Dat betekent dat ze een belangrijke invloed kan hebben op uw vermogens- en successieplanning. Begin april heeft de administratie een gewijzigde circulaire gepubliceerd, met toelichting over de planningstechnieken die wel en niet toegelaten zijn.

Testamentaire bepalingen: geen probleem

Bepalingen die u in uw testament wil opnemen, zullen (en kunnen) door de administratie niet worden aangevochten op basis van de antimisbruikbepaling. De reden daarvoor is vrij eenvoudig: de bepaling viseert handelingen en constructies opgezet door de belastingplichtige. In het geval van een testament bent u als testator (en erflater) niet de belastingplichtige. Dat zijn immers uw erfgenamen, die zelf niet bij het opstellen van het testament zijn betrokken.

Op basis daarvan kunnen de volgende planningstechnieken nu zonder probleem worden toegepast:

een testament met maximale benutting van gunstregimes;

generation skipping: waarbij grootouders onmiddellijk nalaten aan hun kleinkinderen en één generatie overslaan en dus ook één keer het betalen successierechten vermijden;

het kinderloos-vrijgezel-testament: planning waarbij een vrijgezel (geen echtgenoot, geen kinderen) met nog één levende ouder, alles nalaat aan die overlevende ouder, i.p.v. aan zijn broers/zussen (die anders wettelijk  ¾ zouden erven).  Zo wordt er twee maal het tarief in rechte lijn betaald (kind-ouder, ouder-kind) wat gunstiger is dan eenmaal het tarief dat geldt tussen  broers-zussen;

het ik opa-testament: waarbij een grootouder zijn eigen kinderen als algemene legataris aanduidt, maar met de last aan de kleinkinderen een som te betalen;

het duolegaat: waarbij een erfgenaam en een goed doel allebei een deel van de erfenis krijgen, met de voorwaarde dat het goede doel de successierechten van de erfgenaam betaalt.

Gesplitste aankoop: fiscus blijft het bestrijden

Een klassieke planningstechniek is de gesplitste aankoop van vruchtgebruik door de ouders en blote eigendom door de kinderen van een onroerend goed, waarbij de kinderen de blote eigendom betalen met geld dat de ouders hen geschonken hebben. Bij het overlijden van de vruchtgebruiker (ouder), komt de volle eigendom dan toe aan de kinderen, zonder nog successierechten te moeten betalen.

Hoewel de administratie deze planningstechniek in de nieuwe circulaire van de zwarte lijst van verboden verrichtingen heeft geschrapt, blijft hij in feite verboden. De administratie is enkel van mening dat ze de algemene antimisbruikbepaling niet nodig heeft om deze techniek te bestrijden. Met ander woorden: het geweer wordt  van schouder veranderd, maar de gesplitste aankoop blijft een doelwit.

De fiscus zal gebruik maken van een specifieke antimisbuikbepaling (art. 9 W.Succ.).  

Nieuws

Weldra is het zover: de jaarlijkse nationale invuloefening. Hoewel veel posten al vooraf ingevuld zijn, blijft het toch een moeilijke opdracht. Fiscale regelingen worden afgeschaft, maar blijven doorlopen voor het verleden; er komen nieuwigheden bij en dat alles maakt de aangifte elk jaar ingewikkelder. Waar moet u dit jaar op letten?

Salariswagens kennen een bijzonder belastingstelsel op het vlak van btw. Een bijzonder ingewikkeld stelsel bovendien. Toen Covid-19 onze manier van werken overhoop haalde, kende de fiscus toleranties toe. Die worden in 2022 teruggedraaid, maar om dat mogelijk te maken, is een nieuwe tolerantie nodig.

Wie samen met een andere persoon eigenaar is van een onroerend goed kan een einde maken aan die mede-eigendom door uit onverdeeldheid te treden. Het verdeeldrecht bedraagt, afhankelijk van de ligging van het onroerend goed, 2,5% in Vlaanderen of 1% in de beide andere gewesten. Bent u echter mede-eigenaar, samen met uw eigen vennootschap, dan betaalt u een verkooprecht van 12% of 12,5%. Waarom is dat?