Doelgroepvermindering voor mentors verdubbeld

Sinds 1 januari 2013 is het interessant(er) om opleidingen op uw werkvloer te organiseren voor jongeren of hun leerkrachten en daarvoor uw werknemers als begeleider of opleider in te zetten. Ondernemingen krijgen voor die mentors een vermindering van socialezekerheidsbijdragen. De “doelgroepvermindering voor mentors” was voorlopig geen groot succes door strenge voorwaarden. De overheid versoepelt daarom de administratieve formaliteiten en verdubbelt het verminderingsbedrag.

Opleiding op de werkvloer

Mentors zijn ervaren werknemers die u kan inzetten voor de opleiding en begeleiding van jongeren en werkzoekenden die een stage volgen. Het gaat bijvoorbeeld om stagiairs uit het voltijds secundair onderwijs, jongeren met een leerovereenkomst of leerkrachten uit het secundair onderwijs die een praktijkstage lopen.
Ondernemingen kunnen voor die mentors sinds 1 januari 2010 een vermindering van socialezekerheidsbijdragen of een lastenverlaging krijgen van 400 euro per kwartaal (bedrag van toepassing tot eind 2012) gedurende maximum 4 kwartalen. Die lastenverlaging is m.a.w. een korting op de socialezekerheidsbijdragen die u normaal moet betalen voor uw werknemers die begeleider of opleider zijn. Doel van die lastenverlaging is werkgevers aanmoedigen om hun ondernemingen open te stellen voor opleidingen op de werkvloer. De ongeschoolde uitstroom uit het onderwijs wordt op die manier teruggedrongen en jonge werkzoekenden krijgen bijscholing.

Toekenningsvoorwaarden

Er zijn uiteraard voorwaarden aan deze doelgroepvermindering verbonden. Die voorwaarden hebben te maken met 1. de mentors zelf (ten minste 5 jaar beroepservaring hebben in het beroep en een certificaat van mentorbekwaamheid bezitten); 2. het aantal jongeren in opleiding; en 3. het aantal opleidingsuren. U kan een aantal werknemers inzetten als begeleider van stagiairs, leerlingen of cursisten op de werkvloer die aan alle toekenningsvoorwaarden voldoen, maar u zal niet per se voor elk van die mentors een doelgroepvermindering krijgen. U krijgt slechts 1 doelgroepvermindering per begonnen schijf van 5 stagiairs/personen in opleiding (voor de jongeren die u moet aangeven in Dimona = onmiddellijke aangifte van tewerkstelling en/of Dmfa-systeem = kwartaalaangifte en voor de jongeren en leerkrachten die u niet moet aangeven) en slechts 1 doelgroepvermindering per volledige schijf van 400 uren voor overeenkomsten van 1 jaar (voor de jongeren en leerkrachten die u niet moet aangeven). Duurt de overeenkomst minder lang, dan gaat het om een schijf van 100 uren, vermenigvuldigd met het aantal kwartalen waarin de overeenkomst
loopt.

Opleidingsverbintenis

De overeenkomst gesloten met een onderwijs- of opleidingsinstelling of met de gewestelijke dienst voor arbeidsbemiddeling waarin u zich ertoe verbindt stages of opleidingen te organiseren en mentors te belasten met de uitvoering en de opvolging ervan, kan worden gesloten voor een maximumduur van 1 jaar. Korter mag, maar langer niet. De begin- en einddatum van de overeenkomst moeten samenvallen met het begin (1 januari, 1 april, 1 juli of 1 oktober) en het einde van een kalenderkwartaal (31 maart, 30 juni, 30 september of 31 december) omdat RSZ-aangiftes, -bijdragen en -verminderingen per kwartaal worden verwerkt.

Nieuw bedrag vermindering werkgeversbijdragen

Om het mentorschap aan te moedigen, verhoogt de overheid vanaf het eerste kwartaal van 2013 het basisverminderingsbedrag. Het forfait bedraagt nu 800 euro per kwartaal voor de duur van de overeenkomst met een maximumduur van 4 kwartalen (in plaats van 400 euro).

Nieuwe formaliteiten

De formaliteiten voor het sluiten van de opleidingsverbintenis worden een pak eenvoudiger. Voor stagiairs/leerlingen die bij de RSZ gekend zijn via de DmfA- of Dimona-aangifte, moet u geen schriftelijke overeenkomst met vermelding van een engagement van de werkgever meer opstellen en overmaken aan de RSZ. Alleen voor de jongeren voor wie geen DmfA- en/of Dimona-aangifte moet gebeuren, blijft het sluiten van de overeenkomst verplicht.
Het bevoegd sectorfonds kan voortaan trouwens het getuigschrift van de mentoropleiding afleveren.
En de doelgroep wordt groter. Ook mentors in het kader van instapstages komen nu in aanmerking voor de doelgroepvermindering voor mentors.
Tot slot. De opleidingen tot mentor worden vanaf 1 januari 2013 erkend als beroepsopleiding binnen het stelsel van het betaald educatief verlof. U kan die loonkosten gedeeltelijk recupereren, al blijft die terugbetaling van de overheid wel beperkt tot een forfaitair bedrag per lesuur.

Nieuws

Wie zijn (uit de hand gelopen) hobby in een zelfstandige activiteit omzet om de verliezen ervan te kunnen aftrekken van andere inkomsten, moet uitkijken. Via datamining haalt de fiscus ondernemingen die permanent verlies lijden eruit en wordt, na controle, het verlies van de activiteit op nul gezet. Nu zet de fiscus de aanval ook in op de btw-aftrek.

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

De heer X koopt een woning van vennootschap A. Zijn vader was aandeelhouder van A. Volgens de fiscus is de woning verkocht voor een prijs onder de werkelijke waarde. Daarom wil de fiscus het voordeel in hoofde van X belasten als een divers inkomen. De rechtbank van Brussel fluit de fiscus terug.