Regelgeving Centrale voor kredieten aan ondernemingen aangepast

Via de Centrale voor kredieten aan particulieren (CKP) en de Centrale voor kredieten aan ondernemingen (CKO) kunnen banken de risico's evalueren die zij lopen bij het toekennen van kredieten. Om de gevolgen van de economische en financiële crisis beter op te vangen, wordt de huidige meldingsdrempel voor kredieten van ondernemingen van 25.000 euro afgeschaft. Hierdoor verdubbelt het aantal geregistreerde ondernemingen.

De Centrale voor kredieten aan ondernemingen (CKO) registreert de gegevens die betrekking hebben op de kredieten die aan rechtspersonen (ondernemingen) en natuurlijke personen (particulieren) worden verstrekt in het kader van hun beroepsactiviteit. Het betreft alle personen die in België of in het buitenland verblijven.

Ook voor leasing- en factoringovereenkomsten

De verplichting om bepaalde gegevens over kredietovereenkomsten en aanverwante overeenkomsten, over de begunstigden van die overeenkomsten, én over wanbetalingen door te geven aan de CKO, ligt voortaan bij kredietinstellingen; borgtochtverzekeringsondernemingen; kredietverzekeringsondernemingen; leasingondernemingen en factoringondernemingen. De laatste twee categorieën zijn nieuw. Voorlopig bestaat de meldplicht alleen voor financiële leasingcontracten, niet voor operationele leasingovereenkomsten.

Meldingsdrempel van 25.000 euro afgeschaft

De Centrale registreerde tot voor kort alle kredieten van tenminste 25.000 euro bij eenzelfde instelling. Die drempel van 25.000 euro wordt afgeschaft. Daardoor verdubbelt het aantal geregistreerde ondernemingen en zelfstandigen.

Wanbetalingen worden niet geregistreerd in de Centrale voor kredieten aan ondernemingen.
De Centrale registreert ook gegevens met betrekking tot juridische gebeurtenissen (zoals faillissementen, sluitingen van faillissement en gerechtelijke akkoorden) van ondernemingen en natuurlijke personen. Enkel deze laatsten worden per post verwittigd van het feit dat een gebeurtenis die hen aanbelangt, werd geregistreerd.

Raadpleging van geregistreerde gegevens

De Nationale Bank van België beheert de CKO-gegevens. Zij mag de informatie enkel meedelen:

aan de meldingsplichtige instellingen zelf, en dan nog alleen voor een risicobeoordeling van een begunstigde die plaatsvindt vóór het aangaan van een overeenkomst of bij het beheer van een overeenkomst;

aan de Privacycommissie;

aan buitenlandse kredietcentrales; en

tijdens een getuigenis in rechte in strafzaken.

De Centrale mag niet worden geraadpleegd voor commerciële prospectiedoeleinden.

Kredietnemers die hun gegevens willen raadplegen, dienen schriftelijk een aanvraag in bij Nationale Bank van België, Centrale voor kredieten aan ondernemingen, de Berlaimontlaan 14 te 1000 Brussel. Het aanvraagdossier moet de volledige identificatiegegevens en een recto-versokopie van de identiteitskaart van de ondertekenaar van de aanvraag bevatten. De identificatiegegevens voor een natuurlijke persoon zijn: de naam, de eerste officiële voornaam, de geboortedatum, het volledig adres en het btw-nummer voor de personen onderworpen aan de btw-wetgeving; voor rechtspersonen is dit: de volledige officiële naam, de rechtsvorm, het adres van de maatschappelijke zetel en het nationaal nummer bij het Rijksregister voor rechtspersonen
Vertegenwoordigers van rechtspersonen moeten ook bewijzen dat ze gemachtigd zijn om deze aanvraag te doen.
Wie een aanvraag tot rechtzetting indient, moet een schriftelijk bewijs leveren van het feit dat de registratie een fout bevat. Die rechtzetting is gratis.

Nieuws

Wie zijn (uit de hand gelopen) hobby in een zelfstandige activiteit omzet om de verliezen ervan te kunnen aftrekken van andere inkomsten, moet uitkijken. Via datamining haalt de fiscus ondernemingen die permanent verlies lijden eruit en wordt, na controle, het verlies van de activiteit op nul gezet. Nu zet de fiscus de aanval ook in op de btw-aftrek.

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

De heer X koopt een woning van vennootschap A. Zijn vader was aandeelhouder van A. Volgens de fiscus is de woning verkocht voor een prijs onder de werkelijke waarde. Daarom wil de fiscus het voordeel in hoofde van X belasten als een divers inkomen. De rechtbank van Brussel fluit de fiscus terug.