Interestvoeten voor 2018: niets nieuws onder de zon

De meeste interestvoeten worden voor een semester of een maand vastgelegd. De interestvoet bij betalingsachterstand in handelstransacties bijvoorbeeld geldt voor een semester. De wettelijke interestvoet vormt een uitzondering op deze regel en blijft een volledig jaar geldig.

Betalingsachterstand bij handelstransacties

De interestvoet die van toepassing is in geval van betalingsachterstand bij handelstransacties bedraagt 8% voor het 1e semester van 1 januari 2018 tot en met 30 juni 2018. Hij wijzigt dus niet ten opzichte van de interestvoet die gold voor het 2e semester van 2017. De daling naar 8% is ingezet op 1 juli 2016. Bij betalingen in termijnen wordt de verwijlinterest alleen berekend op de bedragen die te laat gestort werden.

Het regime van de betalingsachterstand bij handelstransacties is sinds 16 maart 2013 in gebruik voor transacties tegen betaling tussen ondernemingen onderling (ook tussen vrije beroepers en zelfstandigen). Die transactie moet leiden tot het leveren van goederen, het verrichten van diensten, of het ontwerp en de uitvoering van openbare werken en bouw- en civieltechnische werken.
 
Ook ondernemingen die handelen met overheidsinstanties, waarbij de overheidsinstantie de schuldenaar is, kunnen zich op dit regime beroepen. Op voorwaarde weliswaar dat de opdrachten onder de drempel van 30.000 euro exclusief btw blijven (regime van de kleine opdrachten). De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten heeft dit drempelbedrag sinds 30 juni 2017 opgetrokken (voorheen 8.500 euro).

Transacties tussen ondernemingen en consumenten vallen niet binnen de scope. Ook niet-commerciële transacties, zoals het uitbetalen van prijzen, subsidies of schadevergoedingen, of het betalen van fiscale of sociale schulden vallen niet onder dit toepassingsgebied.

Als de partijen in de overeenkomst geen betalingstermijn afspreken, dan moet de factuur binnen de 30 dagen betaald worden. Ondernemingen hebben wel de vrijheid om een langere betalingstermijn af te spreken.

Overheidsinstanties, zoals gemeenten, provincies, ocmw's, departementen of agentschappen, kunnen alleen een langere betalingstermijn afspreken “als dit objectief wordt gerechtvaardigd door de bijzondere aard of door bepaalde elementen van de overeenkomst”. Maar ook dan mag de betalingstermijn niet meer dan 60 kalenderdagen bedragen.

Noteer nog dat schuldeisers automatisch recht hebben op een forfait van 40 euro voor invorderingskosten. Van rechtswege en zonder ingebrekestelling.

Betalingsachterstand in burgerlijke en handelszaken

Als partijen afspreken welke interest ze bij een laattijdige betaling zullen aanrekenen, dan wordt die contractuele interestvoet toegepast.
Bevat de overeenkomst geen afspraak over de interestvoet, dan geldt de wettelijke interestvoet.

De wettelijke interestvoet voor 2018 blijft onveranderd ten opzichte van 2017. Hij bedraagt 2%. In 2016 bedroeg hij nog 2,25%.

De wettelijke interestvoet is van toepassing op burgerlijke zaken en op handelszaken. Burgerlijke zaken zijn privézaken tussen natuurlijke personen en tussen rechtspersonen; handelszaken zijn transacties tussen handelaars en particulieren.

Betalingsachterstand bij grote overheidsopdrachten

Er is sprake van grote overheidsopdrachten als het te betalen bedrag boven het drempelbedrag van 30.000 euro (exclusief btw) wordt geraamd.

De interestvoeten bij grote overheidsopdrachten zijn voor het 1e semester 2018 vastgelegd op:

8% voor overheidsopdrachten die vanaf 16 maart 2013 werden gesloten;

8% voor overheidsopdrachten die tussen 8 augustus 2002 tot 15 maart 2013 werden gegund; en

een maandinterest voor overheidsopdrachten gegund vóór 8 augustus 2002 en aangekondigd sinds 1 januari 1981 (1,75% voor januari 2018).

Op Publicprocurement.be kan u een tabel raadplegen met een overzicht van alle rentevoeten. De tabel wordt aangepast als een nieuwe rentevoet moet worden meegedeeld (http://www.publicprocurement.be/nl/overheidsopdrachten/regelgeving/verwijlintresten).

Betalingsachterstand in fiscale en sociale zaken

In fiscale zaken en in sociale zaken is de wettelijke interestvoet niet van toepassing. Hier geldt er een vast tarief van 7%. Zelfs als de fiscale of sociale wetten naar de wettelijke interestvoet in burgerlijke en handelszaken verwijzen!
Nalatigheidsinteresten zijn verschuldigd bij niet-betaling van de verschuldigde belasting binnen de wettelijke termijnen.

Nieuws

Over de aftrekbaarheid van cateringkosten was er lang discussie. Zijn het kosten van onthaal en dus gedeeltelijk aftrekbaar. Of reclamekosten en 100 % aftrekbaar. De minister stelt zich soepel op. De cateringkosten voor een publicitair event zijn nu volledig aftrekbaar.

Binnenkort kunnen werkgevers tijdelijk een loon betalen dat onder het minimumloon ligt. De nieuwe maatregel voor jongeren zonder werkervaring wordt geďntegreerd in het regelgevend kader van de startbaanovereenkomst. Hoe verloopt de uitbouw van starterjobs voor jongeren in de praktijk?

Het standaardtarief voor de investeringsaftrek voor kmo’s wordt 20 % vanaf aanslagjaar 2019. Verder blijven de percentages voor investeringen gedaan in 2018 (aanslagjaar 2019) hetzelfde als vorig jaar.