Afrondingsregels gelden ook voor elektronische betalingen

Sinds 1 oktober 2014 mogen ondernemingen en vrije beroepers het totaal bedrag dat de consument moet betalen, afronden tot op 5 eurocent voor alle klanten die contant betalen. Sinds 8 januari 2016 kan dit systeem zowel bij contante betalingen als bij elektronische betalingen worden toegepast. De procedure geldt wel niet voor internetaankopen.

Uitbreiding afronding kastickets

De bedoeling van de afrondingsregels is om de stukken van 1 en 2 eurocent uit de omloop te krijgen wegens onhandig en van te kleine waarde. Handelaars en vrije beroepers mogen voortaan het totale te betalen bedrag op het kasticket afronden naar het dichtste veelvoud van 0 of 5 eurocent zowel voor alle klanten die contant betalen of met maaltijdcheques, ecocheques en geschenkcheques (sinds 1 oktober 2014), als voor klanten die elektronisch betalen met een bankkaart (sinds 8 januari 2016). Deze aanpassing moet de problemen oplossen voor automatische kassasystemen die niet eenvoudig een verschil konden maken tussen cash betalingen en elektronische betalingen.

Als u kiest om bedragen af te ronden, moet u uw klanten daarover informeren door een pictogram in kleur op te hangen in de nabijheid van uw kassa's. Een gratis zelfklever is beschikbaar in de kantoren van de FOD Economie, de plaatselijke btw-kantoren of op de website van de FOD Economie (http://economie.fgov.be/).

Uw klanten zien op hun kasticket zowel het oorspronkelijke totaalbedrag als het afgeronde bedrag dat ze moeten betalen.

Ook apotheken mogen nu hun kassatickets afronden tot op 5 eurocent. Tot voor kort kon dit enkel voor verkopen zonder geneesmiddelen.

Afrondingsprincipes blijven hetzelfde

Het totaalbedrag van het kasticket wordt afgerond naar het dichtste veelvoud 0 of 5 eurocent:  ofwel het lagere ofwel het hogere.
Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 1 of 2 eurocent wordt afgerond naar het lagere 0,00: bijvoorbeeld 12,91 wordt 12,90 en 12,92 wordt 12,90.
Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 3, 4, 6 of 7 eurocent wordt afgerond naar 0,05: bijvoorbeeld 12,93 wordt 12,95; 12,94 wordt 12,95; 12,96 wordt 12,95 en 12,97 wordt 12,95.
Het te betalen totaalbedrag dat eindigt op 8 of 9 eurocent wordt afgerond naar het hogere 0,10: bijvoorbeeld 12,98 wordt 13,00 en 12,99 wordt 13,00.

Voor fysieke verkoop van alle producten

Let op. U mag alleen afronden als de betaling gebeurt in de fysieke aanwezigheid van de consument. Dit betekent dat de afrondingsregels niet gelden voor bijvoorbeeld internetaankopen.

Tot slot. De stukken van 1 en 2 eurocent blijven een wettelijk betaalmiddel. Ze kunnen alleen worden afgeschaft door een beslissing op Europees niveau.

Nieuws

Wie zijn (uit de hand gelopen) hobby in een zelfstandige activiteit omzet om de verliezen ervan te kunnen aftrekken van andere inkomsten, moet uitkijken. Via datamining haalt de fiscus ondernemingen die permanent verlies lijden eruit en wordt, na controle, het verlies van de activiteit op nul gezet. Nu zet de fiscus de aanval ook in op de btw-aftrek.

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

De heer X koopt een woning van vennootschap A. Zijn vader was aandeelhouder van A. Volgens de fiscus is de woning verkocht voor een prijs onder de werkelijke waarde. Daarom wil de fiscus het voordeel in hoofde van X belasten als een divers inkomen. De rechtbank van Brussel fluit de fiscus terug.