Naast de kleine, kennen we binnenkort ook de microvennootschap

Kleine vennootschappen kunnen in België op heel wat bijzondere (fiscale) maatregelen rekenen. Jarenlang werd om te bepalen of een vennootschap klein was gekeken naar artikel 15 van het Wetboek van Vennootschappen. Dat artikel wordt nu gewijzigd. Op basis van Europese regelgeving komen er nieuwe criteria. Daardoor ontstaat er naast de kleine en de middelgrote ondernemingen (de kmo's) een nieuwe vorm: de microvennootschap.

Ter herinnering: huidige criteria kleine vennootschap

Volgens de huidige criteria heeft een kleine vennootschap een balanstotaal van maximaal 3.650.000 EUR, een omzet (excl. btw) van 7.300.000 EUR en maximaal vijftig personeelsleden.

De microvennootschap

Nu dekt de kmo-vlag vele ladingen.  Door het introduceren van een nieuwe categorie, de microvennootschap, komt er meer differentiatie. De microvennootschap komt er vanaf 1 januari 2016.

Een microvennootschap beantwoordt aan de volgende criteria:

balanstotaal; 350.000 EUR;

netto-omzet: 700.000 EUR;

een personeelsbestand van 10.

Deze microvennootschappen zullen van heel wat administratieve vereenvoudigingen en fiscale gunstmaatregelen kunnen genieten. Zo zullen ze slechts een beperkte 'microjaarrekening' met minimale toelichtingen moeten neerleggen. Bovendien verwijzen enkele nieuwe fiscale maatregelen nu al expliciet naar de micro-onderneming, bv. de belastingvermindering voor risicodragende investeringen in starters, de vrijstelling van doorstorting van BV voor starters.

Nieuwe criteria voor de kleine vennootschap

In één beweging werden ook de criteria voor de kleine vennootschap wat aangepast. Daarvoor gelden vanaf 1 januari 2016 de volgende criteria:

balanstotaal: 4.500.000 EUR;

netto-omzet: 9.000.000 EUR;

gemiddeld personeelsbestand gedurende het boekjaar: 50.

Er komen dus heel wat nieuwe 'kleine' vennootschappen bij, die vroeger nog 'groot' waren omdat ze de oude criteria wel overschreden.

Bovendien zal een vennootschap langer 'klein' blijven. Als een kleine vennootschap één keer de criteria overschrijdt, blijft ze klein. Pas als de onderneming twee keer op rij de criteria overschrijft, wordt ze groot (met alle daaraan verbonden gevolgen).

Nieuws

De "Bijkluswet" maakt onbelast bijverdienen mogelijk. Dat kan voor werknemers die minstens 4/5 werken, voor zelfstandigen in hoofdberoep en voor gepensioneerden. Zolang de inkomsten binnen een vastgelegde limiet blijven, zijn er geen bijdragen of belastingen verschuldigd. Sinds 15 juli 2018 moeten de klussen worden aangegeven via de onlinedienst Bijklussen. De werking in een notendop.

Sinds 1 november 2018 maken we geen onderscheid meer tussen handelsvennootschappen en burgerlijke vennootschappen. Voortaan spreken we enkel over vennootschappen. Beoefenaars van vrije beroepen die een vennootschap oprichtten, kozen traditioneel voor een burgerlijke vennootschap. Dit burgerlijk karakter van de vennootschap staat vermeld in haar statuten. Moeten de burgerlijke vennootschappen hun statuten nu aanpassen?

Aan de vooravond van het nieuwe jaar, staan we even stil bij de verdere uitwerking van de taxshift en de hervorming van de vennootschapsbelasting.